27 oktober 2014

Uit onderzoek dat Zorginstituut Nederland, in opdracht van minister Schippers van VWS heeft uitgevoerd blijkt dat de kosten van de reguliere instellingen voor verslavingszorg de afgelopen jaren zijn gedaald en dat de geleverde zorg meer oplevert dan dat ze kost. Daarnaast prijst het ZiN de instellingen voor de professionaliseringslag van de afgelopen decennia.

Kostendaling

Uit de cijfers blijkt dat de kostendaling (in de periode 2009 – 2011) uitsluitend voor rekening komt van de reguliere instellingen voor verslavingszorg (van € 465 mln. naar € 443 mln.). Bij de nieuwe zorgaanbieders voor verslavingszorg is juist sprake van een kostenstijging (van € 21 mln. naar 35 mln.). Het onderzoek van ZiN toont aan dat de reguliere instellingen een kostenbewuste werkwijze serieus nemen. Het ZiN benadrukt in dit verband de selectieve inzet van klinische opname. Dit strookt met het centrale uitgangspunt van de reguliere verslavingszorg, zoals verwoord in hun visiedocument,: ‘ambulant wanneer het kan en klinisch wanneer het moet'. Jammer is dat in het rapport niet de cijfers van het IVZ zijn opgenomen dat van de mensen die in 2013 hulp kregen in de verslavingszorg minder dan 1% uitsluitend klinische hulp kreeg, 74% uitsluitend ambulante hulp kreeg en 14% een mix van ambulante en klinische hulp. Daarbij is ook de verschuiving zichtbaar dat de reguliere verslavingszorg in toenemende mate klinische capaciteit inzet voor bijvoorbeeld GHB-verslaafden en verslaafden met een psychische stoornis die ernstige overlast veroorzaken en een gevaar zijn voor zichzelf en/of voor anderen. Ter illustratie: het aantal GHB-verslaafden is in de periode 2007 – 2013 gestegen van 60 naar 769.

Gemeenschappelijke visies

Het ZiN prijst de instellingen om hun "zeer gedifferentieerde zorgaanbod", de ontwikkeling van ruim 50 richtlijnen voor effectieve zorg en ‘de grote professionaliseringslag van de laatste decennia'. Dit is het resultaat van een gemeenschappelijke visie op verslaving(szorg), waarin de herstelgedachte en maatschappelijke rehabilitatie centraal staan, en door de gezamenlijke bundeling van krachten in het kennisinstituut voor verslaving  Resultaten Scoren. Eén van de laatste activiteiten van Resultaten Scoren, die aansluit bij het ZiN-rapport, is een ontwikkelplan om op termijn een betere indicatiestelling voor klinische opname mogelijk te maken.

Wetenschappelijk onderzoek

Het ZiN meldt dat recent wetenschappelijk onderzoek naar kosteneffectiviteit van behandelingen ontbreekt. De sector heeft reeds in oktober vorig jaar opdracht aan het RIVM gegeven om onderzoek te doen naar "de kosteneffectiviteit van interventies gericht op verslaving aan alcohol en middelen". Het RIVM concludeerde dat de reguliere verslavingszorg in Nederland kostenbesparend en kosteneffectief is. Deze resultaten heeft het ZiN meegenomen in haar rapport. Waar het nog aan ontbreekt is wetenschappelijk onderzoek naar welke behandelingen voor welke doelgroepen het meest effectief zijn en wat de maatschappelijk meerwaarde van de verslavingszorg is (denk aan ziekteverzuim, overlast, criminaliteit). Het eerste type onderzoek heeft het ZiN aangedragen bij Zon-MW, over het tweede type onderzoek (in feite een vervolgonderzoek naar de maatschappelijke kosten baten in de Nederlandse situatie)  voert de verslavingszorg afsluitende gesprekken  met het RIVM.

Een tweede actie van de reguliere verslavingszorg is dat Resultaten Scoren en de cliëntenorganisatie Het Zwarte Gat bij het Netwerk Kwaliteitsontwikkeling ggz een voorstel hebben ingediend om zorgstandaarden te ontwikkelen voor alcohol- en opiatenverslaving.