Indicatiestelling in de verslavingszorg

In een groot aantal verslavingszorginstellingen in Nederland werd en wordt gebruik gemaakt van het in 2002 door De Wildt e.a. (2002) ontwikkelde indicatiestellingsprotocol. Onderzoek heeft aangetoond dat bij de uiteindelijke zorgtoewijzing vaak zorg van een zwaardere intensiteit wordt toegewezen dan volgens het protocol geïndiceerd is en dat die zwaardere zorg ook tot een beter behandelresultaat leidt. Daar komt bij dat het intake-instrument waar het indicatiestellingsprotocol op gebaseerd is (oorspronkelijk de ASI, later de MATE) aan verandering onderhevig is. Voor de branche organisatie Verslavingskunde Nederland is dit aanleiding geweest om een groep experts bijeen te brengen met als doel een hernieuwde versie van het Indicatiestellingsprotocol te ontwikkelen.

Doel

In dit project beogen het PARC en Jellinek – in nauwe samenwerking met onder meer vertegenwoordigers van Novadic-Kentron, het NISPA, het Zwarte Gat, het IVO, de Hoop en Verslavingskunde Nederland (VKN) – een hernieuwd Indicatiestellingsprotocol te ontwikkelen. In de eerste fase van het project wordt het indicatiestellingsprotocol uitgewerkt en vormgegeven en worden de indicatiecriteria geoperationaliseerd. In de tweede fase wordt een korte pilot uitgevoerd bij meerdere verslavingszorginstellingen naar de bruikbaarheid en acceptatie van het indicatiestellingsinstrument en protocol. Op basis van de bevindingen uit de pilot en analyses wordt het indicatiestellingsprotocol waar nodig aangepast en vastgelegd in een handleiding. Tevens worden voorstellen gedaan met betrekking tot de monitoring van de korte termijn behandelrespons en de daaruit voortkomende beslissingen over de zorgintensiteit, en aanknopingspunten voor 'shared decision making'. Bovendien is het streven om uiteindelijk de patiënt 'eigenaar' te laten zijn van zijn/haar traject van indicatiestelling tot en met de keuze van de behandeling en monitoring van de behandelvoortgang. Dit betekent dat de patiënt zoveel als mogelijk een centrale rol moet gaan krijgen bij het invullen en bijhouden van zijn/haar eigen gegevens en dat de meetinstrumenten en procedures daarop ingericht moeten zijn. Het eindresultaat van dit project moet beschouwd worden als input voor een 'lerend systeem' voor de indicatiestelling in de verslavingszorg dat in de komende jaren gecontinueerd zou moeten worden.

Projectduur

Het project is in december 2019 gestart en heeft een duur van 12 maanden.

Financier

Het project wordt gefinancierd door Verslavingskunde Nederland.

Projectteam

- Peter Blanken: Senior onderzoeker – het PARC
- Vincent Hendriks: Hoofd onderzoek – het PARC
- Ellen Vedel: Directeur zorg a.i. Jellinek 
In nauwe samenwerking met onder meer: Novadic-Kentron, het NISPA, het Zwarte Gat, het IVO, de Hoop en Verslavingskunde Nederland (VKN)